Nieuw boek: een geschiedenis van rechts in Wallonië en Brussel

Franstalig rechts in de jaren ’50: conservatieven en anti-communisten

Hervé Van Laethem zal voor een aantal lezers van React geen onbekende zijn. Eind vorig jaar verscheen van hem ‘Le mouvements nationalistes en Belgique (1950-2000)’ in de reeks ‘Cahiers d’histoire du nationalisme’, uitgegeven door Synthèse Nationale, een informatieve blog over de nationalistische strijd in Frankrijk en Europa.

Het verhaal begint eigenlijk al in 1945. In Vlaanderen vinden slachtoffers van de repressie elkaar vrij snel terug in de catacomben van de Vlaamse Beweging. Al in 1949 ontstaat er een nieuwe partij, de Vlaamse Concentratie, enkele jaren later opgevolgd door de Volksunie. Om het geweld van communisten en belgicisten tegen te gaan wordt de Vlaamse Militanten Organisatie (VMO) in het leven geroepen. Het is het begin van de heropstanding.

In Wallonië gaat het zo vlug niet; daar bestaat immers geen breed gedragen en in de bevolking geworteld identitair bewustzijn, laat staan een ‘beweging’. Rechts in Franstalig België bestaat vooral uit conservatieven en anti-communisten die zich opwerpen als verdedigers van Leopold III in de Koningskwestie. Vanaf 1950 komt er wel leven in de nationalistische brouwerij met de Mouvement Social Belge (MSB), gevolgd door een stuk of wat kleinere clubjes waarvan geen één een lang leven is beschoren. 

Het kantelmoment: Jeune Europe

Het grote kantelmoment voor Franstalig rechts komt er met de perikelen rond de dekolonisatie. De wreedheden van de Congolese rebellen – die nauw samenwerken met militaire raadgevers uit communistische landen – drijven vele (oud)kolonialen en hun sympathisanten in het ‘extreemrechtse’ kamp. Dit leidt in juli 1960 tot de oprichting van het Comité d’Action et de Défense des Belges d’Afrique (CADBA), dat even later wordt opgevolgd door de Mouvement d’Action Civique (MAC). De MAC, met het Keltisch kruis als embleem, kant zich tegen de UNO en het communisme en steunt op velerlei manieren de OAS (Organisation de l’Armee Secrète), op haar beurt een Franse organisatie die ijvert tegen de dekolonisatie van Algerije.

De MAC verdwijnt in 1962 en vormt zich om tot Jeune Europe (JE). JE kent afdelingen in heel Europa, Vlaanderen inbegrepen. De goed gestructureerde beweging trekt de kaart van het anti-imperialisme. De leuze van die tijd is ‘Ni Moscou, ni Washington’. Doch na verloop van tijd evolueert dit anti-imperialisme in steun aan allerlei nationale bevrijdingsbewegingen uit de Derde Wereld. Het kopstuk van JE, Jean Thiriart, gaat daarbij zover dat hij uiteindelijk contacten onderhoudt met zowel Arabische als communistische landen, waaronder China. Vele militanten houden het om die reden voor bekeken en zoeken hun heil elders. In de jaren ’60 is het communisme immers de belangrijkste vijand en de Arabische landen worden argwanend bekeken omwille van hun steun aan de onafhankelijkheidsstrijd van Algerije. In 1969 is het definitief gedaan met JE.

De heksenjacht op het Front de la Jeunesse

Na alweer een rist militante groeperingen duikt in 1975 het Front de la Jeunesse (FJ) op. Deze groep is één van de meest spraakmakende uit de rechtse Franstalige scene. Het FJ werkt nauw samen met het tijdschrift Nouvel Europe Magazine (NEM) en komt daardoor in contact met de CEPIC (Centre Politique des Indépendents et des Cadres Chrétiens), de rechtervleugel van de PSC (de Franstalige christendemocraten).

Maar een schietpartij met één dode en een zwaargewonde luidt de zwanengang in van het FJ. Met de PS als gangmaker volgt er een ware heksenjacht door media en politiek. Het regent gerechtelijke vervolgingen, het FJ wordt veroordeeld voor het vormen van een privé-militie en de CEPIC komt onder zware druk te staan vanwege haar banden met het FJ. Niet veel later heft de CEPIC zichzelf op. De PS haalt haar slag thuis.

Westland New Post: manipulatie door de inlichtingendiensten

Hij wil het er liever niet over hebben, maar ook Hervé Van Laethem kan niet voorbij aan het onverkwikkelijke verhaal van Westland New Post (WNP), een schimmige vereniging, opgezet door de inlichtingendiensten, die diende om  radicale militanten van het verzwakte FJ te manipuleren en te gebruiken voor hun vuile zaakjes, onder het voorwendsel dat ze zouden strijden tegen het communisme. Het loopt slecht af: verschillende idealisten verdwijnen voor langere tijd achter de tralies, plegen zelfmoord of sterven onder verdachte omstandigheden. Het imago van rechts krijgt door dit alles een stevige deuk, temeer daar links niet ophoudt Franstalig rechts te verbinden aan de Bende van Nijvel.

Volgens Van Laethem rekruteren bepaalde ‘bureaus’ vandaag opnieuw rechtse militanten, deze keer onder het voorwendsel te strijden tegen de islam, met als enige doel het verzamelen van inlichtingen over activisten die potentieel bereid zijn om tot het uiterste te gaan. Of dit ook in Vlaanderen het geval is, zegt hij er niet bij. Een verwittigd man is er in elk geval twee waard.

Franstaligen bij de VMO

Ondanks vele pogingen komt Franstalig rechts maar niet van de grond. Een aantal militanten is het gebrek aan organisatie beu en sluit aan bij… de VMO. Die wordt na haar ontbinding in 1981 heropgericht in 1986. De Franstaligen vinden onderdak bij de Brusselse afdeling, maar ook dit initiatief is geen lang leven beschoren.

De Franstalige militanten blijven niet bij de pakken zitten en in 1988 ziet een nieuwe groep het levenslicht: L’Assaut. De naam klinkt nog steeds als een klok; L’Assaut was dan ook de ‘hardste’ kern van activisten die Franstalig België ooit kende. Het was inderdaad een zeer potig clubje, misschien zelfs iets té potig. Na incidenten met leden van de Parti du Travail de Belgique (PTB, de Franstalige PVDA) verzeilen drie militanten van L’Assaut, waaronder Van Laethem zelf, voor zes weken achter de tralies. Dit en andere problemen noopt de leiding van L’Assaut ertoe om er na vijf jaar mee op te houden.

Assaut
Betoging van patriotten begin jaren ’90. Vaderlandslievend protest tegen landverrader Paula D’Hondt, één van de eersten om de omvolking van Vlaanderen te promoten. Op de foto affiches van het Vlaams Blok, en de Waalse partij AGIR. ‘Jonge Wacht’ bestond kort als organisatie in VMO-stijl. Rechts naast het spandoek zie je Bert Eriksson, voormalig leider van de VMO.

Nieuwe maar kortstondige initiatieven worden boven de doopvont gehouden. Pas rond het jaar 2000 komt er een langdurig project tot stand: Nation.    

Internationale actie van NATION in Brussel voor vrije meningsuiting voor nationalisten, gesteund door Vlamingen, Duitsers, Grieken en Britten.

Nostalgische terugblik

Ook Vlaamse organisaties zoals Were Di, Voorpost en de NSV worden kort belicht, maar het is toch vooral de VMO die het meeste aandacht krijgt. Verder komen ook enkele hoogtepunten uit het militant-rechtse verleden aan bod. Heel wat veldslagen met extreemlinks passeren de revue.

Veldslagen met links? Wat zijn de tijden veranderd! Het straatgeweld is verstomd en maakte plaats voor scheldpartijen op de sociale media. Afgelikte propagandafilmpjes vervangen nachtelijke plaktochten. Uiteraard zou het dom zijn om geen gebruik te maken van de modernste communicatiemiddelen, maar toch is er heel wat van de charme van het vroegere militantenleven verloren gegaan. Een werkje zoals ‘Les mouvements nationalistes en Belgique’ doet nostalgisch terugdenken aan de tijd van toen.

Een inzet die beter verdient

Het verhaal dat Van Laethem vertelt is overwegend dat van Franstalig rechts. Het is de geschiedenis van kleine, goedbedoelde en dikwijls zeer militante initiatieven, die meermaals ten onder gingen aan onderling getwist en gebrek aan succes, maar soms ook aan manipulaties van de inlichtingendiensten. Over het ronduit klungelige amateurisme van het Belgische Front National zullen we maar zwijgen.

Maar de geschiedenis van Franstalig rechts is ook de geschiedenis van heldhaftig verzet tegen linkse stoottroepen en van de belangeloze inzet van telkens weer nieuwe generaties militanten. Vooral de volharding om te blijven strijden verdient ons aller respect. Jammer dat deze inzet tot op heden niet is beloond met een doorbraak van het rechts-nationalistische gedachtegoed in het zuiden van het land. Hervé Van Laethem, en met hem talloze militanten, verdient beter.

En waarom niet? Net als Vlaanderen heeft Wallonië te lijden onder de gevolgen van massa-immigratie, globalisering en linkse hersenspoeling en behoort het tenslotte ook bij de grote Europese volkerenfamilie. Maar hoe komt het dan dat nationalistisch rechts in Wallonië maar niet van de grond komt, terwijl er bij de buren in Vlaanderen en Frankrijk wél sterke nationalistische partijen en bewegingen opereren? Hoe komt het dat de door schandalen geteisterde PS niet de afstraffing krijgt die ze verdient? Hoe komt het dat de Waalse tegenhanger van de PVDA, de PTB, zich wél kan doorzetten? Waar is rechts in Wallonië gebleven?

Het zijn vragen die een antwoord verdienen. Hopelijk zal dat antwoord er snel komen.

Hervé Van Laethem, auteur van ‘Les mouvements nationalistes en Belgique’

Bestellen kan hier: CHN 19 : Les mouvements nationalistes en Belgique – Synthese Editions (synthese-editions.com)

Als extreemlinks in Brussel overgaat tot geweld tegen het Vlaams Blok/Belang, dan kon het VB in het verleden steeds trouw rekenen op de hulp van de Waalse nationalisten van NATION en Hervé Van Laethem. Hier beelden uit 2014, waar extreemlinks een aanval uitvoerde op Filip Dewinter; de militanten van NATION gingen meteen over tot actie en sloegen de linkse antidemocraten vastberaden terug met nadarhekken, tafels en stoelen. (De beelden zijn van de leugenpers, de commentaar als zou Nation zélf het geweld hebben uitgelokt is uiteraard gelogen.)

2 comments

  1. De auteur van dit stuk heeft overschot van gelijk met zijn kritiek op de ‘sociale media’. Deze vorm van “actievoeren” is inderdaad overwegend anoniem, geheel vrijblijvend, sterk individualistisch, en vaak weinig opbouwend. De ‘sociale context’ is ver te zoeken; het militantisme van weleer droogt op, een krachtige mobilisatie is lastig geworden.
    En de onwettelijke coronamaatregelen doen er momenteel nog een schep bovenop. In ons kot blijven, behalve dan voor het gapen naar een koers, helpt de solidaristische mobilisatiekracht alleszins, en helaas, niet vooruit. [ En met dit laatste woord maak ik allesbehalve reclame voor de Vooruit… ;-) ]

    Like

Reacties zijn gesloten.