Droeve tijden herbeleefd

Korte parodie op ‘Droeve tijden’, geïnspireerd door een droeve Gwendolyn.

’t Zijn droeve tijden als het mansvolk woedt,
Als mannen het hebben voor ‘t zeggen,
En als de vrouw, hoe hard z’haar best ook doet,

Het tegen ’t mansvolk af moet leggen

Als ware Jupiter ermee gemoeid.
Die uit
De hel,
Jawel
En óók

Man al heeft hij bokkepoten.

Wanneer zet eens een man
Een stap, een grote als het kan,
Terug bij wijze van gebaar,
Gebaar van goede wil voor HAAR?
Of wil de man de ribbe weer
Die hem de Schepper nam weleer?
En dan… en dan! Och God! Och God!
Hoe droevig dan des vrouwen lot!

Dan doemt de boom weer op van Goed en Kwaad
En Satan tevens met zijn vals gelaat
En grenzen overschrijdend wangedrag
Dat sinds wij de man gelijk zijn, niet meer mag,
Zomin als autorijden vol met bier
Of wodka of brandewijn of elixir.
‘Meer blauw op straat maar ook meer vrouw vàn ’t straat!’
Zo krijsen kraaien, maar wat is ’t gebaat
Als mannen staan aan ’t stuurwiel van de staat?
Zo waarschuwt Gwendolyn, maar wéér te laat…

One comment

Geef een reactie