De vergeten vrijwilligers van de Koreaanse Oorlog

sde para koreaZe lijken vergeten, de Belgische vrijwilligers van de Koreaanse Oorlog, maar vandaag is het hun dag. Want in Antwerpen gaat speciaal voor hen de jaarlijkse herdenking door, georganiseerd door het 3de Bataljon Parachutisten (de para-commando’s) uit Tielen. De Koreaanse Oorlog begon in juni 1950 met een aanval van het communistische Noord-Korea op het pro-westerse Zuid-Korea. Korea, dat sinds 1910 bezet werd door Japan, kwam in 1945 in handen van de twee grootmachten uit die tijd: de Sovjet-Unie nam het noorden in en de VS het zuiden. De bedoeling was dat het tot een hereniging van Korea kwam, maar na het einde van de geallieerde bezetting kwam het noorden – met medewerking van de Sovjet-Unie – onder een communistisch bestuur. Het zuiden koos de kant van het Westen, met steun van de VS.

Maar de vrede duurde niet lang. In de vroege ochtend van 25 juni 1950 stuurde de Noord-Koreaanse leider Kim-Il-Sung 100.000 goed getrainde en gewapende soldaten naar het zuiden, dat geen verhaal had tegen de onverwachte aanval. Met deze daad van agressie wilde Noord-Korea het zuiden inlijven in het communistische machtsblok. Meteen namen de Verenigde Naties een resolutie aan met de boodschap dat Zuid-Korea met alle middelen moest geholpen worden. Het is immers volop Koude Oorlog: de zenuwen staan dat ook gespannen. De eersten die voet aan wal zetten in Zuid-Korea zijn de Amerikanen, onder leiding van de befaamde generaal MacArthur. Deze denkt over de Noord-Koreanen heen te kunnen wandelen, maar deze laatsten doen met hun tanks de Blitzkrieg van 1940 nog eens over en slaan de Amerikanen terug tot op 50 km van de havenstad Pusan. De inzet van een brigade Amerikaanse mariniers luidt een ommekeer in. Ook de Verenigde Naties mengen zich nu in het strijdgewoel, en wel zodanig, dat de Noord-Koreanen zich moeten terugtrekken achter de grens. De overwinning is nabij voor het Westen, maar dan stuurt Mao 250.000 Chinese soldaten het slagveld in. Weer keren de krijgskansen: op hun beurt drijven de Chinezen de Amerikanen achteruit. Er wordt gevreesd voor een Derde Wereldoorlog, zeker als generaal MacArthur vraagt om de atoombom in te zetten, wat gelukkig niet gebeurd.

De Amerikaanse troepen zitten er moreel door, maar met de komst van generaal Ridgway, die de verongelukte generaal Walker vervangt aan het hoofd van het 8ste Legerkorps, komt daar verandering in. Ridgway, een para-officier die zich onderscheiden heeft op de slagvelden van de Tweede Wereldoorlog (Sicilië, Normandië en de Ardennen), zorgt voor beter eten en een betere uitrusting en lapt zo de vechtlust van zijn troepen terug op. Met een nieuwe tactiek en met steun vanuit de lucht slaagt generaal Ridgway er in de Chinezen terug te drijven tot op de grens tussen Noord- en Zuid-Korea. Ondertussen lopen er ook vredesonderhandelingen, maar die gaan moeilijk. Pas na de dood van Sovjetdictator Stalin in maart 1953 komt er schot in de zaak. Op 27 juli 1953 komt het tot een staakt-het-vuren, maar tot op heden is de oorlog in Korea niet officieel beëindigd. De Koreaanse oorlog wordt ook wel eens ‘de vergeten oorlog’ genoemd.

Wie ook wel eens vergeten worden, zijn de vrijwilligers van het Belgische bataljon, of het ‘Vrijwilligerskorps voor Korea’. Dit bataljon, één peleton Luxemburgers inbegrepen, scheept op 18 december 1950 te Antwerpen in op de ‘Kamina’, om op 31 januari in Pusan aan te komen. Daar komen ze onder Amerikaans bevel te staan. Vanaf dan draagt het bataljon de naam ‘Belgian United Nations Command’, of kortweg ‘BUNC’. Op het moeilijke terrein, met stikhete zomers en ijskoude winters, veroverde het Belgische vrijwilligerskorps eeuwige roem. Dat leverde hen verschillende eervolle vermeldingen op, die in gouden letters op hun bataljonsvaandel werden geborduurd: gevechten in Imjin, Haktang-Ni en Chatkol en een algemene vermelding voor moedige deelname aan de oorlog in Korea. Verder verleenden ook de Amerikanen en de Koreanen een eervolle vermelding aan de vrijwilligers. Samengevat trokken 3171 Belgen en 78 Luxemburgers naar Korea, waarvan er 2636 deelnamen aan de gevechten. Ook vochten er Koreanen mee met de BUNC. Er sneuvelden 101 Belgen, 2 Luxemburgers en 9 Koreaanse soldaten. Vijf Belgen werden vermist verklaard; 478 werden er gewond. Het vaandel van het vrijwilligerskorps werd toevertrouwd aan het Derde Para-Bataljon, waarvan de kazerne in Tielen genoemd is naar Pierre Gailly, een officier die sneuvelde in Korea.

Los van politieke, ideologische en zelfs communautaire beschouwingen verdienen deze Korea-veteranen ons respect. Zelfs al vertrokken velen onder hen niet omwille van anticommunistische redenen, maar omdat ze bijvoorbeeld hongerden naar avontuur (wat is daar trouwens mis mee?); ze wierpen hun eigen leven in de waagschaal om de Koreanen te vrijwaren van een communistisch schrikbewind. De Zuid-Koreanen zijn er deze mannen nog altijd dankbaar voor. Laten we de Korea-vrijwilligers niet vergeten. En laten we hopen dat er in Europa nog genoeg mannen van dit slag rondlopen om te vechten voor ONZE vrijheid. Het zou wel eens nodig kunnen zijn.

One comment

  1. Korea is inderdaad een vergeten oorlog.

    Mijn vader was – net zoals zovele kinderen van veroordeelde collaborateurs – vrijwilliger om in Korea te gaan vechten. Het cynische van dit verhaal is dat de broer van mijn vader, veroordeeld als oostrfronter wegens het dragen van wapens tegen het communisme, zijn burgerrechten terugkreeg omdat mijn vader tegen diezelfde communisten was gaan vechten …..

    Bij de gesneuvelden vrijwilligers was er soldaat genaamd Frans Cabuy, een goede vriend van mijn vader. De begrafenis van deze gesneuvelde vond plaats in de Sint Romboutskathedraal te Mechelen. De vader van Frans Cabuy zat nog in de gevangenis wegens collaboratie en speciaal voor deze gelegenheid hebben ze hem vrijgelaten….. Ook hier is het cynisch dat de kazerne van Mons de naam kreeg van Frans Cabuy, de gesneuvelde zoon van een zwarte!
    Mijn vader, zelf zeer ernstig gewond, heeft bij zijn kist de wacht gehouden, zoals het wapenbroeders beaamt.

    Like

Reacties zijn gesloten.