Cultuur onder Vuur Congres 2019: goed georganiseerd met oog voor esthetiek

Ik was aanwezig te Haarlem op het Civitas Christiana/Cultuur onder Vuur Congres van 19 oktober, deel van het Traditie, Familie en Privé eigendom netwerk (TFP). In dit stuk zal ik allereerst de gebeurtenissen en toespraken samenvatten, alvorens een analyse te maken.

Het congres ving aan met een inloop van een klein uur, met veel gelegenheid om te socialiseren, waarna men de grote zaal inging om begeleid met orgelmuziek plaats te nemen. Het had wel wat weg van een kerkdienst. Niet gek gezien het katholieke karakter van de organisatie. Nadat iedereen plaats nam speelde eerst een introductie filmpje met vrij sterke beelden. Vlaggen trompetten, een gezonken kathedraal, confrontaties tussen TFP-activisten en links. Voor esthetiek heeft men wel oog bij Civitas Christiana. Vlaggen van alle provincies, de driekleur, oranje wimpels en de vlag van TFP waren prominent zichtbaar, naast veel bloemboeketten. Deze sfeer werd gecomplementeerd door effectief gebruik van belichting. Na een stille en staande inloop van zijne hoogheid de Hertog van Oldenburg nam Hugo Bos zelf het woord om het congres te introduceren.

Dit ging met enige bombarie en ceremonie. Symboliek en vormen blijven duidelijk van belang voor katholieken. Bos ving aan met een dankbetuiging aan vrijwilligers en donateurs. Hij vervolgde met een oproep voor vereniging van het rechts/nationalistische/populistische kamp en gaf wat bekende praatpunten over islam en een favoriet van christenen overal, de familie. Er was sterke retoriek tegen links en de media, wat verder uitgebreid en uiteengezet werd door andere sprekers. In de wereldvisie van Bos kunnen nationalisme, de natiestaat en zelfdeterminatie van volkeren samengaan met christendom binnen de katholieke wereldvisie. Alle naties van Europa zijn immers ontstaan in een periode van een heersend katholicisme over heel het continent. Er is geen contradictie tussen nationalisme en katholicisme, aldus Bos.

HERTOG von OLDENBURG
De volgende spreker was de Hertog van Oldenburg. Ik zal gelijk verklappen dat ik dit veruit de sterkste toespraak van het congres vond, ondanks dat hij in het Engels was. Het was een ronduit reactionaire toespraak, die sterke vragen stelde bij de democratie, verlichting en moderniteit. Ook de massamigratie en het idee van een wereldregering werden bekritiseerd.
Termen zoals Weltanschauung, de ziekte van de Europese geest, de clash der civilisaties vallen. Volgens de Hertog van Oldenburg is het probleem van het moderne Europa het liberale humanisme. De emancipatie van de mens, die de laatste 500 jaar heeft plaatsgevonden. Het is een revolutie tegen al het voorgaande. Een liberaal-marxistisch gedrocht. Dat is wat moderniteit definieert. Een afkeer van alles dat voor haar kwam. Mei 1968 wordt benoemd als het moment van versnelling en startsein van de overname van het Westen door marxisme en liberalisme, en het verval van conservatisme.

De Hertog wil een contrarevolutie, die op alle vlakken moet plaatsvinden. Economisch, sociaal, cultureel, artistiek. En deze contrarevolutie fundeert hij op het gedachtegoed van Pius XII (bekend van Rerum Novarum) en de ideologische vader van TFP, Plínio de Correia. Oldenburg keert zich expliciet tegen het Concilie van Vaticaan II, dat volgens hem een modernisering en ‘verheidensing’ van de katholieke kerk was. Een val naar het democratische en liberale die de kerk verleid heeft naar aardse zaken. Pius XII had deze fout niet gemaakt.
Om even te interveniëren met mijn eigen commentaar: het was een toespraak die niet misstaan zou hebben bij een volksnationaal congres over anti-moderniteit. Ik voelde mij geneigd de Hertog te vragen over zijn mening over E. Michael Jones, maar er was helaas geen tijd weggezet voor vragen bij enige toespraak.

Andreas KINNENGING
De tweede toespraak was die van Hoogleraar Kinnenging, met als thema: het begrip elite en haar rol. Het was mijn tweede favoriete toespraak van dit congres. Kinnenging sprak sympathie uit voor populisten. Niet omdat zij populisten zijn, maar omdat zij problemen en thema’s aankaarten die van werkelijk belang zijn. Kinneging is enigszins kritisch op de voorstellen van populisten voor verdere democratisering, zoals referenda. Het is namelijk niet aan het volk zaken op te lossen, maar aan de elite. Hij beargumenteert dit vanuit Plato’s Politeia. Plato, zoals men wel zal weten, is geen voorstander van democratie maar een klassenmaatschappij geregeerd door een meritocratische elite. Kinnengings betoog als geheel is een anti-egalitair en anti-democratisch verhaal over de noodzaak van een regerende klasse, de elite. Hij beargumenteert dit vanuit een zeer evolutionair biologisch oogpunt. Schaarste is de bron van conflict en het handelen van de mens. En zonder elite om schaarste tegen te gaan, wetten en logistiek te regelen, kan er geen orde zijn. Er is echter ook, zeker vandaag, zoiets als het ‘elite probleem’, de elite is pervers geworden. Het is een cyclisch en eeuwig probleem dat de elite vervalt van het vervullen van haar rol als maatschappelijke leiders naar begerige, vervreemde en corrupte wezens. Een welhaast Spengleriaans idee van cycli, waar het citaat “harde tijden maken harde mannen, harde mannen maken goede tijden, goede tijden maken zwakke mannen, zwakke mannen maken harde tijden” erg toepasselijk lijkt.

Kinnenging stelt dat de trias politica en machtenscheiding een tussenoplossing zijn voor het verval van elites. Maar elites kunnen, zoals wij heden ten dage zien via de media, invloed uitoefenen op de stemmer en ook de verdeling van machten is bepaald niet vrij van corruptie. Who watches the watchers? De enige manier om een functionele elite te hebben is door culturele zelfcontrole. Geweten, eer, deugd. Dit vult de trias aan en impliciet vergt dit een religie. De elite moet ook een goede vorming en een sterk gedeelde morele code meekrijgen van jongs af aan. Democratisering verwatert de kwaliteit van de opvoeding omdat iedereen in potentie leider moet kunnen zijn. Een illusie, want dat is voor maar een kleine minderheid van de besten weggelegd. Er is geen sterke voorselectie meer voor elites. Het is een soort jungle. “Universiteiten zijn vakopleiding voor de massa geworden”, aldus Kinnenging. Terwijl zij een opvoeding voor de elite zouden moeten zijn.

Henk RIJKERS
Na Kinnenging sprak Henk Rijkers, oud-redacteur van het Katholiek Nieuwsblad. Rijkers is een werkpaard, kreeg ik de indruk. Niet de beste spreker, niet de meest interessante onderwerpen, maar hij graaft diep en doordat hij gedegen, volledig en integer te werk gaat weet hij op onderwerpen die ik afgezaagd en overbelicht zou hebben genoemd, interessante inzichten te werpen. Hij had een toespraak, feitelijk de presentatie van een rapport en een tweegesprek met Dhr. Bos. Ik volg even de chronologie dus eerst de presentatie van het rapport. Dit ging over linkse vooringenomenheid op scholen en hoe de leerstof onevenredig pro-links is. Bekend thema, wat valt er te zeggen denkt u misschien. Dat dacht ik ook. Rijkers weet het echter met een paar gevatte voorbeelden erg tot leven te brengen. Zijn rapport was gratis verkrijgbaar en ik raad u aan het door te nemen. Het is informatief en degelijk, doch formalistisch geschreven. Bekende termen zoals neo-marxisme, cultuur-marxisme en de Frankfurter Schule vallen. Door dit echter te illustreren met voorbeelden uit huidige basisschool boeken en academische reacties uit de jaren 70 zelf, wordt een afgezaagd onderwerp opeens weer levendig.

Er was een intermezzo met orgel, van een jeugdig talent dat helaas niet helemaal tot zijn recht kwam omdat het orgel niet zo wou meewerken. Het kwam, of doordat de microfoons het orgel tot oorverdovende niveaus opbliezen, of doordat hij niet goed gestemd was, maar de diepere tonen waren een werkelijke aanval op de oren.

Arnold KARSKENS
De volgende spreker was Arnold Karskens, journalist. Zijn thema was de invloed van de media, wat zich feitelijk vertaalde naar een aanval op de NOS. Beginnend met de Covington catholic-zaak, waar blanke scholieren van racisme en intimidatie van een indiaan werden beschuldigd, iets dat de NOS overnam en nooit rectificeerde nadat het tegenovergestelde bleek te zijn voorgevallen. Karskens betoog was een aaneenschakeling van voorbeelden van de dubbele standaard van de NOS. Zo maakte hij een vergelijking tussen de berichtgeving van de aanslagen in Christchurch en die van Sri Lanka en toonde een duidelijke vooringenomenheid aan om anti-blank en anti-christelijk geweld minder aandacht te geven. Karskens nam de woorden judeo-christelijk en Israël wat erg vaak in de mond, iets waar Rijkers zich helaas ook schuldig aan maakte. De verplichte anti-racisme en gelijkheid uitspraken vielen ook. Al met al vond ik het een zwak betoog met een afgekauwd thema, maar het publiek reageerde enthousiast. Wat ik wel mooi vond in Karskens betoog was dat hij het aandurfde om veelvuldig de term ‘anti-blank’ te hanteren. De NOS was wat hem betreft anti-blank en meet met twee maten als het op blanken aankomt.

Jean WANNINGEN
Jean Wanningen, econoom, gaf een toespraak over het monetaire beleid van de EU. Bekende retoriek, weinig nieuws. Enige waarde was misschien het verversen van het geheugen. Pensioenen en spaarders geraakt. Transferunie, noorden betaalt voor zuiden. Kritiek op Quantitative Easing. Deze toespraak stond vooral in het kader van het Privé-Eigendom gedeelte van TFP.

ELIAS
Pater Elias sprak over de moderne mens, gevangene van zijn eigen Rede. Van die thematiek hoorde ik eigenlijk weinig terug. Het ging niet echt over nihilisme of existentialisme, wel werd gnosticisme benoemd, een extremisme van christelijke aard die de materiële wereld volledig verwerpt. De Pater ziet een driedeling in de mens tussen gnosticisme, irrationaliteit en rationaliteit. Hij twijfelde of hij als vertegenwoordiger van de kerk zich wel in aardse zaken moet mengen zoals bij Cultuur onder Vuur. De kerk is altijd in strijd met het aardse volgens Elias. Dan stelt hij de vraag, onder vuur? Wat voor vuur? Het is het doven van ons innerlijke vuur, niet een brand van buiten die ons verzwelgt. Wij zijn onze weg verloren met het doven van het christelijke vuur. Hij vervolgt met wat Aristoteliaanse kritiek op de rede en een soort Heideggeriaans Dassein in christelijke context, en gaat in op nominalisme, dat hij verwerpt.
Elias: “Nederlandse cultuur stamt uit Bourgondië en katholicisme” en wij moeten daarnaartoe terug redeneren om onze identiteit te hervinden. Breder, de Westerse beschaving als geheel is gegrond in christendom, voortkomende uit een vermenging van Joodse en Helleense filosofie.

De toenemende irrationaliteit, als een van de drie delen van de menselijke geest, ziet men bijvoorbeeld in de afkeer van autoriteit en hiërarchie, zelfs als deze volledig logisch en noodzakelijk zijn. Dit belemmert het goed functioneren van instituties, en door slecht functionerende instituties wordt de persoonlijke zelfontwikkeling ontmoedigd. Bijvoorbeeld door falend monetair en economisch beleid, door liberale wetgeving die drugsverslaving toestaat en slechte hulp biedt.

Het had wel het karakter van een preek en was sterk theologisch. Veel Bijbelse voorbeelden werden aangehaald om punten te illustreren.

Tweegesprek RIJKERS en BOS
Er volgde een soort van interview door Bos aan Rijkers over islam. Rijkers was merendeels aan het woord. Volgens Rijkers zijn de meeste moslims geen echte moslims meer maar meelopers en dat behoed hen van de meeste schade van de Islam. Rijkers poogt te bewijzen dat Islam een sekte is op basis van het werk van een Franse priester, en daarom zou Islam geen bescherming als religie onder de wet moeten genieten. Al met al een zeer liberale kritiek op islam uit naam van democratie en vrijheid. Vond het geen sterk betoog. Islam is een dreiging om demografische redenen en omdat zij veroveringsgezind is. Niet omdat zij niet lief en democratisch genoeg is. Een frappant voorbeeld van Rijkers vond ik, dat hij vroeg waarom wij moskeeën laten bouwen in onze landen als zij in hun landen geen kerken toestaan. Alsof als dit wel het geval was, het oké zou zijn om moskeeën in Nederland toe te staan.

Cyril WENTZEL
Ingenieur Cyril Wentzel sprak over de klimaatideologie. Hij is de oprichter van de groene rekenkamer, een denktank die poogt cijfermatig linkse retoriek over klimaat en milieu onderuit te halen. Het was een meer humoristische rede, met veel steken naar mediapersoonlijkheden, zoals Hiemstra. Enigszins evolutionair biologisch betoog over de verhouding van de mens met de natuur en hoe de industriële revolutie deze veranderde van het passief ondergaan van de elementen naar meester daarvan.

Boodschap was, zover ik kon samenvatten: willen wij terug naar de pre-industriële revolutie om vervuiling tegen te gaan? Want dat kan de consequentie zijn van links beleid. Wentzel stelt dat linkse argumenten vaak eerder emotionele retoriek met veel beeldcommunicatie zijn en dit veroorzaakt onnodige hysterie. Hierdoor wordt klimaat een halve religie die betekenis geeft aan het leven van veel mensen. Het biedt hen een strijd. Ook stelde Wentzel dat klimaatwetenschap gemanipuleerd wordt door partijdige financiering van onderzoek door o.a. ideologische NGOs, overheden en grootkapitaal.

Het betoog was wat verward en onsamenhangend. Men zag dat Wentzel flinke delen moest overslaan, en mogelijk kwam het door een tekort aan tijd. Er zat echter wel een kern in dat op een goed verhaal leek. Hij had alleen meer tijd nodig.

PRIJSUITREIKING
Na Wentzel’s rede was er de Civitas Christiana Vrijheidsprijsuitreiking, en deze ging naar Jenny Douwes in het kader van het verdedigen van Zwarte Piet. Zij was een surprise guest die ook kort een praatje gaf waarin zij betoogde dat alle blokkeer-Friezen erkent moeten worden en niet alleen zij. Daarna gaf zij een korte uiteenzetting over hoe de demonstratie verliep. Het publiek reageerde van het moment dat zij het podium betrad tot zij haar toespraak afsloot enthousiast, met daverend applaus en staande ovaties.

Tot slot kwam Hugo Bos zelf weer aan het woord, met een vooruitblik. Men moet het licht aan doen en de mensen op de problemen wijzen, legde hij uit in een analogie met een dief in het donker. Dat is de rol van Civitas Christiana, het benoemen van de problemen en hopen dat zaken benoemen en uitleggen genoeg is om een reactie los te maken en zo op vredige wijze een herstel van het Westen en van Nederland te bewerkstelligen. Aan het eind ging het voltallig publiek staan en zongen wij het Wilhelmus.

ANALYSE
Het was een zeer goed georganiseerd congres. Het had een goede esthetiek, met veel vlaggen, muziek en ceremonie. Dat zette de boodschap kracht bij. Ook het niveau van de sprekers (een Hertog, een hoogleraar, een ingenieur, twee journalisten, een econoom en een Priester) was hoog en de verzorging (koffie, koek en borrel) was erg goed. Ook was er preventief een flink beveiligingsteam aanwezig. Helaas is dat noodzakelijk door de dreiging vanuit links. Daar ziet men dat financiële middelen een verschil maken en waarom Civitas zo dankbaar is aan haar donateurs. Het was, zoals men beweerde, denk ik inderdaad wel het grootste conservatieve congres van Nederland. Er zullen tussen de 500 en 600 mensen zijn geweest. Wat wel opviel was de demografie. De gemiddelde leeftijd lag denk ik rond de 50 jaar. Conservatisme lijkt een zaak voor de oudere generaties te zijn in Nederland. Dit ligt bij het volksnationalisme anders, waar het merendeels jongeren onder de 30 zijn. Radicale politiek is dan ook iets voor jongeren, desondanks viel het mij wat tegen dat er niet meer bekende gezichten in het publiek waren. Volksnationalisten waren niet heel sterk aanwezig. De jongeren die ik sprak waren vaak wel radicaal, binnen hun religieuze overtuiging. Vooral sterk overtuigde katholieke jongemannen die een afkeer van egalitarisme, humanisme en socialisme hadden en redelijk goed filosofisch en ideologisch onderbouwd waren. Dat vond ik wel bemoedigend, dat er meer krachten ageren tegen de moderniteit. Laat de Bijbel van de Katholieke Kerk zich maar langzaam keren tegen het constructivistisch, marxistisch progressivisme dat nu heerst. Dat zal denk ik echter wel een andere Paus vergen.

De toespraken waren nogal een mengeling van filosofische punten en van wat ik voor het gemak waan van de dag problemen zal noemen. De redes van met name Oldenburg en Kinnenging waren ronduit reactionair te noemen, met een uitgesproken afkeer van moderniteit en egalitarisme, een verdediging van traditie en hiërarchie. Ook Pater Elias zijn toespraak was een spirituele en anti-materiële visie op traditie. Daarentegen waren de toespraken van Karskens over media-manipulatie, van Rijkers over islamisering en van Wanningen over het monetair beleid van de ECB veel meer populistisch en niet bepaald filosofisch. Mogelijk is dat juist goed, een mengeling van de filosofische problemen aankaarten en de specifieke problemen benoemen. Maar het voelde wat schizofreen, in termen van welk publiek men poogt aan te spreken en op wat voor niveau.

Kinnenging en Oldenburg had ik zo op een volksnationaal congres kunnen zien, met hun onderwerpen en retoriek. Hun kritiek zou niet misstaan in de traditionalistische school naast een Guénon of een Evola. Karskens en Wanningen hadden ook op een PVV of FvD bijeenkomst over liberalisme kunnen staan. Niet dat hun boodschap daarom minder waar is, de ECB is een ramp en de media is zeker vooringenomen links, maar het zijn geen filosofische aanvallen op de zware problemen van onze tijd. Het is symptoombestrijding. Ook merkte ik weinig noodzakelijk conservatiefs aan Karksens, Wanningen of Wentzel. Zij presenteerden een globaal rechtse kritiek op linkse dogma’s. Er werden knievallen gemaakt, met name door Karskens, naar anti-racisme en anti-discriminatie verhalen. Dat soort links discours hoeft men niet te bezigen in een rechtse kring en getuigd van een reflexief liberalisme, dan wel uit angst of overtuiging. Ook het constante gebruik van de term ‘joods-christelijk’ door met name Elias en Rijkers deed mij ineenkrimpen. Dat is een verzonnen term ergens uit de vroege 20e eeuw. Westerse civilisatie heeft een christelijk fundament, joods komt er niet aan te pas. En dit pogen van Christenen om Joden in hun strijd te betrekken uit angst of schuldgevoel getuigd mijns inziens van een gebrek aan vertrouwen in de eigen christelijke traditie. Men heeft geen excuus-jodendom nodig om assertief te zijn over Westerse Traditie.

Mijn klachten daargelaten, het feit dat deze sprekers echter wél zij aan zij op zo een congres konden staan is een knappe prestatie. Waarom kan Civitas het dubbele aantal bezoekers van het meest succesvolle Erkenbrand-congres trekken, met een hoger niveau aan sprekers en een betere locatie en verzorging? En overigens ook minder aanvallen van media en antifa uitlokken? Omdat zij hun retoriek nabijer het volk houden, met Zwarte Piet en klimaatideologie, en hun echte kritiek op moderniteit, progressivisme en egalitarisme in een filosofisch discours houden dat op zijn woorden let. Men noemt geen ras, men sluit niet openlijk buiten. Men impliceert het alleen door een wereldvisie te presenteren die, als men hem logische doorredeneert, wel etnische homogeniteit en culturele en religieuze discriminatie vergen. Al kan dat ook mijn eigen vooringenomenheid zijn, te denken dat de enige logische gevolgtrekking uit conservatisme, het volksnationalisme met een religieuze onderbouwing kan zijn.

Al met al was het mooi om een goed georganiseerde aanval op links te zien met wat daadwerkelijk reactionaire retoriek. Het is metapolitiek in haar puurste zin en volksnationalisten kunnen nog een puntje zuigen aan het katholieke nationalisme in Nederland.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.